Dromen over wiskunde

Afbeelding

Vannacht had ik hem weer: de wiskundedroom. Nu heb ik vele terugkerende dromen – of eigenlijk zijn het vooral locaties die vaak terugkeren, zoals het oude huis van mijn tante, het ouderlijk huis van een vriendin die ik nauwelijks nog spreek, het inmiddels tot de laatste steen afgebroken doolhofgebouw waar mijn middelbare school eerst huisde en soms, heel soms, het oude Wilhelmina Kinderziekenhuis (eveneens afgebroken). Allemaal locaties waar ik inmiddels geen toegang meer tot heb, dus dat is interessant, het zegt veel over mijn problemen met dingen loslaten. Enfin.
De wiskundedroom is dus een apart geval in mijn terugkerende dromen, omdat die niet steeds op dezelfde locatie verhaalt en, in tegenstelling tot de andere dromen, een heel duidelijke lijn heeft.

De wiskundedroom gaat altijd als volgt: ergens ben ik toch VWO gaan doen, ik ben een heel jaar niet naar wiskunde geweest, mijn slechtste vak, en ik moet binnenkort – heel binnenkort! – eindexamen doen. Paniek. Altijd paniek. In de droom zal ik proberen de boel te rationaliseren, zo van, ‘dan doe ik het gewoon over, desnoods volgend jaar’ of ‘er is nog genoeg tijd’. Maar er is nooit genoeg tijd en ik weet het.
Ik word ook altijd ontzettend onrustig wakker. Anxious – er is geen Nederlands woord voor dat de lading zo goed dekt.

Inmiddels ben ik erachter wat de droom betekent, daar hoef je geen expert voor te zijn. Natuurlijk heb ik er wel eens spijt van gehad, dat ik geen VWO ben gaan doen, maar het zat er op dat moment niet in. Ik ben een echte HAVO-er, ik houd niet van leren, mijn nieuwsgierigheid ligt op andere vlakken en varieert van tijd tot tijd en dat geldt ook voor mijn motivatie. Ik ben praktisch. De droom is dan ook niet mijn onderbewuste dat zegt dat ik toch die deelcertificaten moet gaan halen, dat ik moet gaan studeren, want dat doe ik al, die droom zegt niets anders dan dat ik aan het werk moet. Schrijven. Mezelf uitdagen. Dingen aangaan.

Enkele dagen terug heb ik besloten in december af te studeren. Dat is ook eindexamen doen. Er is nog voldoende tijd. Toch is er paniek. En paniek hoort bij examens, daar is niets mis mee. De droom is mijn onderbewuste dat me een schop onder mijn hol geeft. En dat is het mooie aan de wiskundedroom, dat is waarom ik hem ben gaan waarderen: hij werkt ontzettend motiverend.

Dit bericht is geplaatst in Tekst, Uncategorized met de tags , , , , , , , , , . Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *